Het stroomverbruik laag houden op thuiswerkdagen

Landschapsillustratie

Op een dag dat er thuisgewerkt wordt, staan er al snel meerdere apparaten tegelijk aan: een computer, een scherm, misschien nog een lamp en de router die toch al de hele dag draait. Zonder dat iemand het echt merkt, telt dit verbruik gedurende de dag flink op.

Bewust werken zonder overbodige apparaten

Een los beeldscherm kan meestal uit zodra er alleen op de laptop zelf gewerkt wordt, in plaats van het de hele dag aan te laten staan naast het eigenlijke scherm dat gebruikt wordt. Dat is een kleine aanpassing die weinig moeite kost, maar wel meteen verschil maakt.

Een vaste werkplek bij het raam, zoals eerder al bleek nuttig te zijn voor daglicht, betekent ook dat een bureaulamp minder vaak nodig is overdag. Werken in het daglicht in plaats van onder kunstlicht bespaart zo vanzelf een deel van het dagelijkse verbruik.

Aan het einde van de werkdag is het slim om echt alles uit te zetten in plaats van apparaten op stand-by te laten staan tot de volgende ochtend. Een stekkerdoos met een schakelaar maakt dit in één beweging mogelijk, zonder elk apparaat apart te hoeven uitzetten.

Pauzes tijdens de werkdag zijn een goed moment om even bewust rond te lopen en te kijken welke apparaten eigenlijk niet nodig zijn op dat moment, zoals een extra lamp in een kamer waar niemand meer is. Deze korte controle wordt met de tijd bijna automatisch.

Met een paar van deze gewoontes blijft het stroomverbruik op thuiswerkdagen behoorlijk overzichtelijk, zonder dat het werken zelf er minder comfortabel van wordt. Het gaat vooral om bewust omgaan met apparaten die anders zomaar de hele dag blijven draaien.

Apparaten die alleen af en toe nodig zijn tijdens het werken, zoals een printer, kunnen prima helemaal uit blijven tot het moment dat ze daadwerkelijk gebruikt worden. Vooral bij oudere apparaten scheelt dit meer dan verwacht, omdat deze in stand-by vaak meer verbruiken dan nieuwere modellen.